Wel of niet steriliseren/castreren?

Steriliseren en castreren

Sterilisatie van de teef

Bij het steriliseren van teefjes worden de eierstokken verwijderd. Hierdoor stopt de productie van geslachtshormonen en wordt een teef niet meer loops. Zeker als de sterilisatie vroeg wordt uitgevoerd zitten er grote gezondheidsvoordelen aan een sterilisatie. Een sterilisatie op jonge leeftijd, dit betekent voor de 3e loopsheid, geeft een verminderde kans op melkkliertumoren. Daarnaast kunnen gesteriliseerde teven geen baarmoederontsteking meer krijgen.

Het grootste nadeel van steriliseren is dat er een klein risico op urine incontinentie is. Dit komt vaker voor bij grote rassen dan bij kleine rassen. Deze aandoening is weliswaar levenslang, maar goed te behandelen met medicatie. Een ander nadeel is dat er vachtveranderingen kunnen optreden bij langharige honden. Uit recent onderzoek blijkt dat er een relatie is tussen het voorkomen van bepaalde typen tumoren en de sterilisatie. De kans op dit soort tumoren is wel vele malen kleiner dan de kans dat een teef melkkliertumoren krijgt  als ze niet gesteriliseerd is.

Als er niet met de hond gefokt wordt is het dus te adviseren om een teef te laten steriliseren. Het beste moment voor sterilisatie wisselt per ras. Voor een advies op maat kunt u contact opnemen met de kliniek. Over het algemeen wordt geadviseerd om na de eerste loopsheid te steriliseren.

Voor het steriliseren van teven zijn verschillende operatietechnieken. De reguliere methode maakt gebruik van een snede in de buik waar de eierstokken door worden verwijderd. Daarnaast beschikt onze kliniek over de mogelijkheid om een laparoscopische sterilisatie uit te voeren. Hierbij worden 3 kleine gaatjes in de buik gemaakt en wordt er met behulp van een camera in de buik gekeken. Doordat bij deze methode in de buik wordt gewerkt en er dus niet aan de eierstokken getrokken wordt ervaren honden minder napijn na de operatie. Dit geeft met name veel voordelen voor grote honden en honden met een diepe borstkast.

 

Castratie van de reu

Castratie van de reu wordt niet standaard gedaan. Er zijn geen gezondheidsvoordelen om dit preventief te doen. Redenen om een reu wel te castreren zijn bijvoorbeeld gedragsproblemen of een voorhuidontsteking. Ook bij reuen zijn er aanwijzingen dat bepaalde type tumoren vaker voorkomen bij gecastreerde reuen dan bij niet gecastreerde reuen. Dit risico kan in sommige gevallen ondervangen worden door niet te vroeg te castreren. De kans dat een reu dit soort tumoren ontwikkeld is nog steeds heel klein, maar aangezien er geen groot gezondheidsvoordeel tegenover staat is ons advies om een reu alleen te castreren als er een goede rede voor is.

Poezen en katers

In het geval van poezen en katers wordt geadviseerd om preventief te steriliseren en castreren. Doordat de meeste poezen en katers buiten komen, spelen andere factoren hierbij een rol. Niet gecastreerde katers hebben een grotere kans om aangereden te worden dan gecastreerde katers. Daarnaast verminderd een castratie de kans op sproeigedrag in huis. Sterilisatie van poezen heeft dezelfde gezondheidsvoordelen als bekend zijn bij de teef. Het verminderd de kans op melkkliertumoren en baarmoederontsteking. Daarnaast voorkomt een sterilisatie ongewenste nestjes.

Voor het inplannen van de operaties kan contact worden opgenomen met de kliniek.